Usine élévatoire des eaux, Historisch pompstation in Lille, Frankrijk
De Usine elevatoire des eaux is een pompstation in Lille met een twee verdiepingen tellend, vierkant centraal gebouw uit gietijzer en baksteen. De gevel kenmerkt zich door drie gewelfde traveeën en een decoratieve bakstenen bogenfries die het gebouw een solide, industrieel karakter geven.
Het kanaal van Roubaix, begin 19e eeuw aangelegd om de fabrieken van Roubaix en Tourcoing van water te voorzien, had een constante aanvoer nodig: de ingenieurs Flamant, Bertin, Rivière en Pelle ontwierpen dit gemaal op de gronden van de vroegere vestingwerken van Rijsel. Het was klaar in 1876, toen het kanaal na 50 jaar werken zijn voltooiing naderde. Tussen 1896 en 1902 werden beide vleugels vergroot, de machines vervangen en een ondergrondse overlaat gebouwd; later namen elektrische pompen de stoommachines over. Sinds december 1999 is het als monument historique ingeschreven.
De gevel toont decoratieve elementen met water- en navigatiemotieven, die het belang van transportinfrastructuur in industriesteden weerspiegelen. Deze details vertellen wat mensen destijds waardeerden in hun omgeving.
Het gebouw staat op een omheind industrieel braakliggend terrein van ongeveer 4.400 m² aan de rue du Bastion-Saint-André, aan het einde van een dode arm van de Basse-Deûle die als doodlopende weg eindigt aan de voet van het gebouw. Het is geen coworkingruimte: de site is eigendom van Lille Métropole, die sinds 2011 een herbestemming onderzoekt. De baksteengevel en de steen met het jaartal 1876 zijn vanaf de straat te zien.
Een U-vormige tunnel met een overloopsysteem loopt onder het gebouw en kan worden benaderd vanaf de linkerkant van de hoofdstructuur. Deze ondergrondse hydraulische systemen tonen de technische verfijning die werd gebruikt voor waterstroomregeling.
De community van nieuwsgierige reizigers
AroundUs brengt duizenden geselecteerde plaatsen, lokale tips en verborgen pareltjes samen, dagelijks verrijkt door meer dan 93.325 bijdragers wereldwijd.