Hrobka českých králů, Koninklijke tombe in Praagse Burcht, Tsjechische Republiek
Het Koninklijk Mausoleum is een enkele overwelfde kamer van 9,29 bij 5,2 meter onder de Sint-Vituskerk, bereikbaar via een trap vanuit de Heilig-Kruiskapel. De wanden en het gewelf dragen een ongeornamenteerd geel-grijs-groen mozaïek, en de marmeren vloerplaten volgen de omtrek van de tien sarcofagen en graven, waaronder de bronzen sarcofaag van Karel IV in het verhoogde midden.
De op bevel van keizer Rudolf II gebouwde grafkelder met tongewelf meet 9,29 bij 5,2 meter. In 1590 werden alle kisten uit de oude crypte onder het priesterkoor hierheen overgebracht, en Rudolf II werd er in 1612 zelf begraven. Architect Kamil Roškot verbouwde de kelder in 1928-1935, en aartsbisschop Karel Kašpar wijdde hem op 2 november 1935 in.
De naam verwijst naar de hier begraven koningen, van Karel IV in het midden tot Rudolf II, wiens bijzetting in 1612 de laatste van een Boheemse koning op Boheemse bodem was. De crypte werd op 2 november 1935 ingewijd door aartsbisschop Karel Kašpar.
De toegang geschiedt door een aparte ingang die door architect Kamil Hilbert vanaf de Kapel van het Heilige Kruis in het kathedraalcomplex is gebouwd. Bezoekers moeten rekening houden met nauwe ruimtes en gedempte verlichting die de historische sfeer bewaart.
Rudolf II's originele tinnen kist, versierd met wapenschilden, bevat de laatste Boheemse koning die in Boheemse grond werd begraven. Drie Habsburgers delen één sarcofaag: Rudolf van Habsburg, "koning Pap" genoemd, hertog Rudolf II van Zwaben en Eleonora, zus van keizer Rudolf II.
De community van nieuwsgierige reizigers
AroundUs brengt duizenden geselecteerde plaatsen, lokale tips en verborgen pareltjes samen, dagelijks verrijkt door meer dan 94.164 bijdragers wereldwijd.