Salle Rameau, Concertzaal in 1e arrondissement van Lyon, Frankrijk
De Salle Rameau is een gemeentelijke zaal aan de rue de la Martinière in de wijk Terreaux van het 1e arrondissement van Lyon, in iets meer dan een jaar gebouwd in art-nouveaustijl door architect François Clermont met Eugène Ribout. De gevel aan de rue de la Martinière heeft vier zuilen van de composiete orde met gebeeldhouwde kapitelen, een blauwe mozaïekband op goudgrond met het opschrift "SALLE RAMEAU" en twee mozaïekpanelen van Mangier en Guillermin met Polymnia met een rol en Euterpe met een lier. De zaal bood oorspronkelijk 1.535 zitplaatsen; de renovatie door de Compagnie de Phalsbourg moet haar heropenen met 900 plaatsen.
De zaal werd gepland na de sluiting om veiligheidsredenen van de filharmonische zaal aan de quai Saint-Antoine, om de Société musicale van Georges Martin Witkowski onderdak te bieden. De gemeenteraad keurde op 25 februari 1907 de regeling met de Compagnie immobilière du 1er arrondissement goed; Fallières en Clemenceau legden dat voorjaar de eerste steen. De architecten François Clermont en Eugène Ribout bouwden haar in nauwelijks meer dan een jaar in art-nouveaustijl, met 1.535 zitplaatsen. De opening op 8 november 1908 werd verzorgd door meer dan 200 musici met Rameaus Les Fêtes d'Hébé en Beethovens Negende.
De naam eert Jean-Philippe Rameau: het openingsconcert op 8 november 1908 begon met de aria uit Les Fêtes d'Hébé uit zijn opera, gespeeld door meer dan 200 musici van de Société des grands concerts de Lyon. Aan de gevel aan de rue de la Martinière tonen twee mozaïeken van Mangier en Guillermin de muzen Polymnia met een rol en Euterpe met een lier, onder een band met het opschrift "SALLE RAMEAU".
De zaal staat aan de rue de la Martinière in de wijk Terreaux, tussen de rue Hippolyte-Flandrin en de rue Louis-Vitet, op enkele minuten lopen van metrostation Terreaux. Het gebouw is gesloten in afwachting van renovatie, dus de gebeeldhouwde gevel en de twee mozaïeken van Polymnia en Euterpe zijn voorlopig alleen vanaf straat te zien. Op het ronde deel herkent men het wapen van Lyon en het vers van Clément Marot.
De gevel aan de rue de la Martinière draagt twee mozaïeken van Mangier en Guillermin: Polyhymnia met een rol en Euterpe met een lier, op gouden panelen, onder een blauw-gouden band met het opschrift "SALLE RAMEAU". Boven de vensters zijn kastelen, torens en hoornen des overvloeds gebeeldhouwd, en het ronde deel toont het wapen van Lyon met Clément Marots versregel "suis le lion qui ne mord point, sinon quand l'ennemi me poingt".
De community van nieuwsgierige reizigers
AroundUs brengt duizenden geselecteerde plaatsen, lokale tips en verborgen pareltjes samen, dagelijks verrijkt door meer dan 94.017 bijdragers wereldwijd.