Nedošínský háj, Beschermd bosgebied in Nedošín, Tsjechië
Nedošínský háj is een beschermd bosgebied met eiken-, els- en essenbossen gelegen tussen twee rivieren op een hoogte van ongeveer 347 meter. Het terrein beslaat ongeveer 30 hectare en biedt een netwerk van wandelpaden voor bezoekers.
Al in de 14e eeuw vermeld als heerlijk jachtterrein, werd het bos vanaf de 17e eeuw als hakhout beheerd. Begin 19e eeuw vormden de Waldstein-Wartenbergs het om tot een landschapspark met paviljoens, een bad en een restaurant met danszaal; alleen een stenen kapel gewijd aan Antonius van Padua bleef bewaard.
Het bos is in de Tsjechische cultuur bekend als decor van Alois Jiráseks roman Filozofská historie, die de hier gehouden studentenmeifeesten en de omvorming van het productiebos tot park beschrijft. Een stenen kapel met bron, gewijd aan Antonius van Padua, is het enige bouwwerk dat na de sloop van de parkgebouwen bewaard bleef.
Een natuurleerpad met negen haltes loopt door het bos en leidt bezoekers langs de eiken-haagbeukenopstanden op de vlakke rug en het elzen-essenooibos langs de Loučná in het noorden. Het terrein is vlak en de route voert langs de stenen kapel gewijd aan Antonius van Padua, het enige bouwwerk dat van het negentiende-eeuwse park bewaard bleef.
Alois Jirásek situeerde zijn roman Filozofská historie in dit bos; het boek beschrijft de studentenmeifeesten die hier werden gehouden en de omvorming van het bos tot parklandschap.
De community van nieuwsgierige reizigers
AroundUs brengt duizenden geselecteerde plaatsen, lokale tips en verborgen pareltjes samen, dagelijks verrijkt door meer dan 93.019 bijdragers wereldwijd.